Archief

Zwangerschappen beïnvloeden risico op borstkanker bij BRCA1/2 mutatiedraagsters

15 maart 2019
Het is al langer bekend dat vrouwen een verlaagd risico op borstkanker hebben na
meerdere zwangerschappen en na het langdurig geven van borstvoeding. Dit blijkt nu ook te gelden voor BRCA1 mutatiedraagsters. Dit blijkt uit de grootste internationale prospectieve studie tot nu toe, waaraan het Antoni van Leeuwenhoek en alle Nederlandse Universitaire Medische Centra actief hebben meegewerkt. Vrouwen met een BRCA1 mutatie en twee, drie of vier voldragen zwangerschappen hadden, respectievelijk, een 21%, 30% en 50% verlaagd risico op borstkanker vergeleken met vrouwen met een BRCA1 mutatie en één enkele voldragen zwangerschap. Vrouwen met een BRCA1 of BRCA2 mutatie die langdurig borstvoeding hadden gegeven, hadden ook een verlaagd risico. De resultaten zijn online gepubliceerd in het Journal of the National Cancer Institute Cancer Spectrum (klik hier voor de publicatie).

Er zijn echter ook resultaten die afwijken van wat bekend is voor vrouwen zonder genetische belasting. Vrouwen met een BRCA1 mutatie en slechts één voldragen zwangerschap, hadden juist een verhoogd risico op borstkanker vergeleken met vrouwen zonder kinderen en een BRCA1 mutatie. En voor vrouwen met een BRCA2 mutatie gaven zwangerschappen helemaal geen verlaging van het borstkankerrisico. Deze resultaten waren onverwacht en vereisen onafhankelijke bevestiging. “Het is al langer bekend voor vrouwen zonder een genetische aanleg, dat een voldragen zwangerschap eerst gevolgd wordt door een tijdelijk verhoogd risico op borstkanker. Pas daarna volgt de langdurige bescherming. Maar bij vrouwen met BRCA1 en BRCA2 mutaties konden wij geen aanwijzingen vinden dat een dergelijk patroon (eerst een verhoogd, daarna een verlaagd risico) de afwijkende resultaten konden verklaren.” zegt de eerste auteur Mary Beth Terry, hoogleraar Epidemiologie (Columbia Universiteit, NY, USA).

“Naarmate meer duidelijk wordt over het verband tussen (hormonale) risicofactoren, zoals zwangerschappen, en het risico op borstkanker, kan dit meegenomen worden in de inschatting van het toekomstige risico dat deze (jonge) vrouwen lopen. Dit is van groot belang bij de beslissingen die genomen moeten worden over de startleeftijd en frequentie van periodieke borstcontroles (screenen) en de keus voor en timing van eventuele preventieve operaties.” zegt Dr. Matti Rookus, epidemioloog van het Antoni van Leeuwenhoek en projectleider van de Nederlandse HEBON studie en van de internationale IBCCS studie (International BRCA1/2 Carrier Cohort Study), waarop de resultaten zijn gebaseerd. “Dit is een van de eerste keren dat naar het verband tussen zwangerschappen en het risico op borstkanker bij vrouwen met een BRCA mutatie is gekeken in een grote prospectieve studie, dus onafhankelijke bevestiging van wat we gevonden hebben, is cruciaal”.

Het cohort, bestaande uit 5,707 BRCA1 en 3,535 BRCA2 mutatiedraagsters, omvat de gegevens van 21 internationale follow-up studies, zoals naast de Nederlandse HEBON studie, de EMBRACE studie (UK), de GENEPSO studie (FR), de kConFab studie (AU) en de BCFR studie (USA). De HEBON studie werd ondersteund door financiële bijdragen vanuit KWF Kankerbestrijding, ZonMw en Pink Ribbon en werd in nauwe samenwerking met de Nederlandse Kankerregistratie (IKNL) en de Landelijke Pathologie Database (PALGA) uitgevoerd. Bovendien was dit onderzoek zonder de doorlopende inzet van een grote groep actieve deelneemsters niet mogelijk geweest.