Leefgewoonten en andere risicofactoren

Onderzoek: Lichaamsbeweging en de kans op borstkanker bij BRCA1/2 mutatiedraagsters. Door dr. A. Pijpe en anderen.
Klik hier voor meer informatie over het onderzoek

Resultaten
Uit het onderzoek blijkt dat sporten het risico op borstkanker lijkt te verlagen. Voor BRCA1/2 draagsters die vóór hun 30ste levensjaar minimaal 2 uur per week een sport uitoefenden met een gemiddelde intensiteit was het risico op borstkanker 36% lager dan voor draagsters die minder of niet sportten. Één uur per week of meer sporten na het 30ste levensjaar bleek het risico met 37% te verlagen. Het lijkt dus van belang gedurende het hele leven lichamelijk actief te blijven. Of het gunstige effect samenhangt met het aantal uur per week dat gesport wordt of met de intensiteit van het sporten kon niet vastgesteld worden.

In het onderzoek is rekening gehouden met onder andere lichaamsgewicht, de mate van activiteit op het werk en andere bekende risicofactoren voor borstkanker, dus het resultaat dat sporten de kans op borstkanker in BRCA1/2 draagsters zou kunnen verlagen is hiervan onafhankelijk.

Wat betekent dit voor u in de praktijk?
Het is al langer bekend dat lichaamsbeweging het risico op borstkanker in de algemene bevolking vermindert. Onder BRCA1/2 draagsters is dit onderzoek echter een van de eerste op dit gebied. De onderzoekers vinden het daarom te vroeg voor specifieke aanbevelingen. Pijpe: “Dit onderzoek betreft een betrekkelijk klein aantal vrouwen en is uitgevoerd door naar zowel borstkankerdiagnose als lichamelijke activiteit terug te vragen. Bij sommige vrouwen was de diagnose borstkanker al vele jaren geleden gesteld. Bovendien is het herinneren van lichamelijke activiteit in het verre verleden moeilijk. De resultaten van dit onderzoek dienen daarom eerst door onafhankelijke studies te worden bevestigd. Dit soort onderzoek is inmiddels in gang gezet, maar de resultaten zullen nog enkele jaren op zich laten wachten.”

De Nederlandse Norm voor Gezond Bewegen adviseert tenminste 5 en bij voorkeur alle dagen van de week een half uur matig intensief lichamelijk actief te zijn. De onderzoekers adviseren om in elk geval deze norm aan te houden omdat lichaamsbeweging ook een belangrijk middel is ter voorkoming van andere chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2 (suikerziekte).


Onderzoek: Overgewicht en de kans op borstkanker in BRCA1/2 mutatiedraagsters. Door dr. A. Pijpe en anderen.
Klik hier voor meer informatie over het onderzoek.

Resultaten
Vrouwen die draagster zijn van een mutatie in het BRCA1 of BRCA2 gen hebben mogelijk een kleinere kans op borstkanker als zij gedurende hun leven een gezond en stabiel lichaamsgewicht behouden.

Uit het onderzoek blijkt dat overgewicht het risico op borstkanker na de menopauze met ongeveer anderhalf keer verhoogt. Het sterkste verband werd gevonden voor vrouwen die rond hun 20e jaar een gezond gewicht hadden maar tijdens het volwassen leven in gewicht toenamen. Er werd geen verband gevonden tussen lichaamsgewicht en de kans op borstkanker vóór de menopauze. In het onderzoek is rekening gehouden met onder andere lichaamsbeweging en andere bekende risicofactoren voor borstkanker, dus het resultaat dat overgewicht de kans op borstkanker in BRCA1/2 draagsters zou kunnen verhogen is hiervan onafhankelijk.

Wat betekent dit voor u in de praktijk?
Het is al langer bekend dat overgewicht het risico op borstkanker in de algemene bevolking kan verhogen. Onder BRCA1/2 draagsters is dit onderzoek echter een van de eerste is op dit gebied. De onderzoekers vinden het daarom te vroeg voor specifieke aanbevelingen. Pijpe: “Dit onderzoek betreft een betrekkelijk klein aantal vrouwen en is uitgevoerd door naar zowel borstkankerdiagnose als lichaamsgewicht terug te vragen. Bij sommige vrouwen was de diagnose borstkanker al vele jaren geleden gesteld. Bovendien is het herinneren van lichaamsgewicht in het verre verleden moeilijk. De resultaten van dit onderzoek dienen daarom eerst door onafhankelijke studies te worden bevestigd. Dit soort onderzoek is inmiddels in gang gezet, maar de resultaten zullen nog enkele jaren op zich laten wachten.”

De onderzoekers adviseren om in elk geval te zorgen voor een gezond en stabiel lichaamsgewicht omdat overgewicht ook een belangrijke risicofactor is voor andere chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2 (suikerziekte). Voldoende lichaamsbeweging en een gezonde voeding zijn daarvoor van belang.