Preventieve eierstok en eileider verwijdering

Andere hoofdstukken binnen dit onderwerp: 'Preventieve operaties' en 'Preventieve borstverwijdering'

Preventie van eierstokkanker
Omdat gynaecologische controles niet effectief zijn in het vroegtijdig opsporen van eierstokkanker, wordt aan alle BRCA1/2 mutatiedraagsters en vrouwen met een familiair verhoogd risico een preventieve verwijdering van de eierstokken en eileiders geadviseerd. Een preventieve operatie houdt in dat gezond weefsel wordt verwijderd om te voorkomen dat zich daarin in de toekomst kanker ontwikkelt. De eierstokken en eileiders worden verwijderd door middel van een kijkoperatie (laparoscopie) via een aantal kleine sneetjes in de onderbuik. Voor deze operatie is het nodig om onder algehele narcose te gaan. De ingreep vindt doorgaans in dagbehandeling plaats en vrouwen kunnen meestal dezelfde dag al naar huis. Het verwijderd weefsel wordt vervolgens nagekeken door een patholoog met bijzondere aandacht voor het opsporen van (beginnende) kanker in de eileiders. De uitslag van het weefselonderzoek wordt meestal telefonisch meegedeeld 10-14 dagen na de operatie. Er bestaat een kleine kans (1-3%) dat er in het verwijderde weefsel al een (beginnende) eierstokkanker bevindt. In dat geval volgt doorgaans een nieuwe operatie.

qNf2DX1r4AA
Film over preventieve borst en eierstokverwijdering.
Lees meer over preventieve borstverwijdering bij 'Preventieve borstverwijdering'.

Wie komt in aanmerking voor preventieve eierstok en eileider verwijdering en wanneer?
Vrouwen met een BRCA1 of BRCA2 mutatie komen in aanmerking voor preventieve chirurgie. Voor vrouwen uit een familie met een verhoogd risico op eierstokkanker zonder aantoonbare mutatie, zal door de klinisch geneticus een individuele risico inschatting op basis van de familiegeschiedenis worden gemaakt. Om effectief te zijn in het voorkómen van eierstokkanker, dient het tijdstip van verwijderen van eierstokken en eileiders bij voorkeur gekozen te worden op een leeftijd vóórdat het risico op de aandoening sterk toeneemt.

Voor vrouwen met een BRCA1 mutatie kan de operatie het beste plaatsvinden op de leeftijd van 35-40 jaar, voor vrouwen met een BRCA2 mutatie op de leeftijd van 40-45 jaar. Aan vrouwen met een familiaire belasting voor eierstokkanker zonder mutatie, kan een advies gegeven worden door te kijken naar de medische familiegeschiedenis en na afsluiten van eventuele kinderwens.

Wanneer een vrouw op premenopauzale leeftijd de eierstokken laat verwijderen verlaagt dit ook het risico op borstkanker enigszins. Die risicoverlaging wordt weer deels teniet gedaan als er hormonale substitutie worden gebruikt (zie ‘Leefgewoonten en andere risicofactoren').

Na de operatie is de vrouw definitief niet meer vruchtbaar. Dat is de reden dat de preventieve operatie pas wordt uitgevoerd nadat de kinderwens is voltooid. De uiteindelijke beslissing omtrent preventieve chirurgie en de timing ervan zal door de vrouw zelf genomen worden, vanzelfsprekend na voldoende informatie en bedenktijd.

Gevolgen preventieve behandeling
De keuze voor preventieve chirurgie is een ingrijpende beslissing met zowel lichamelijke als psychoseksuele gevolgen voor de vrouw. Vanwege het acuut  wegvallen van de productie van de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron, ontstaan in de meeste gevallen overgangsklachten. Normaal begint de overgang van een gezonde vrouw geleidelijk rond het 50e levensjaar. Na een chirurgische verwijdering van de eierstokken gaat dat plotseling: binnen een paar dagen treden al de eerste overgangsverschijnselen op in de vorm van opvliegers. Deze opvliegers zijn vaak heviger dan in geval van een natuurlijke overgang. Dit komt omdat de hormoonproductie acuut wegvalt, terwijl dit in een natuurlijk proces geleidelijker gaat. Klachten die kunnen ontstaan zijn op korte termijn opvliegers, problemen met doorslapen en minder zin in vrijen. Op den duur kunnen ook droogte van de vagina en daardoor pijnklachten ontstaan tijdens geslachtsgemeenschap.

Op langere termijn kan een eierstokverwijdering, indien deze voor de natuurlijke menopause plaatsvindt, de kans op botontkalking vergroten, met mogelijk een verhoogde kans op botbreuken op latere leeftijd. Mogelijk is er ook een toegenomen kans op hart- en vaataandoeningen. Aangezien nog onvoldoende bekend is over deze en andere effecten op de langere termijn, is onderzoek hiernaar belangrijk alvorens daarover adviezen te geven. Vrouwen krijgen wel advies over een gezonde leefstijl, die kan bijdragen aan het verlagen van deze risico’s. Adviezen zijn: 5 zuivelconsumpties per dag, voldoende sport en beweging, niet roken, minder dan 2 glazen alcohol per dag en vitamine D door zonlicht of via tabletten in de winter.

Hormonale substitutie na preventieve eierstokverwijdering
Om overgangsklachten tegen te gaan bestaat de mogelijkheid om de weggevallen productie van de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron te vervangen door inname van hormoonvervangende medicijnen, ook wel hormonale substitutie genoemd. Over het algemeen wordt dit aangeraden bij vrouwen die jonger zijn dan 45 jaar ten tijde van de preventieve eierstokverwijdering, op voorwaarde dat ze geen borstkanker hebben gehad. Bij hormonale substitutie wordt het verlaagde risico op borstkanker door verwijdering van de eierstokken (deels) teniet gedaan. Naar verwachting zal het risico op borstkanker voor een gezonde vrouw door het medicijngebruik niet hoger zijn dan het risico vóór het verwijderen van de eierstokken. Het voordeel van het gebruik van hormonale substitutie is dat de overgangsklachten kunnen worden uitgesteld en er met name minder kans is op psychoseksuele gevolgen van de vroege overgang. Tijdelijk gebruik van hormonale substitutie kan ervoor zorgen dat de preventieve operatie geen vermindering van de kwaliteit van het leven veroorzaakt en de negatieve lange-termijn effecten van de vroege overgang beperkt blijven.

Wanneer wordt hormonale substitutie afgeraden?
Vrouwen die dicht bij de natuurlijke overgangsleeftijd zijn, of eerder borstkanker hebben gehad, wordt hormoonvervanging afgeraden. Dit geldt ook wanneer na borstkanker beide borsten zijn verwijderd. Uit onderzoek blijkt dat bij vrouwen die borstkanker gehad hebben, de kans op terugkeer van borstkanker verhoogd wordt door het gebruik van hormonale substitutie. Heel zelden wordt van deze richtlijn afgeweken als de vrouw erg veel klachten heeft van de bijwerkingen van de preventieve eierstokverwijdering en ze samen met haar arts en haar behandelend oncoloog de afweging maakt ten behoeve van haar kwaliteit van leven. In dat geval is een multidisciplinair advies aangewezen.

Lees verder onder 'Borstkanker'