Mannen & BRCA

Erfelijkheidsonderzoek
Als borst- en/of eierstokkanker in een familie veel voorkomt of op opvallend jonge leeftijd, dan kan dat een aanwijzing zijn voor een erfelijke oorzaak voor deze vormen van kanker. Wanneer er in de familie een BRCA1 of BRCA2 mutatie is aangetoond, is er 50% kans dat de mutatiedrager de aanleg doorgeeft aan zijn/haar kind bij elk kind. De mutatie kan zowel doorgegeven worden via de eicel van de moeder of de zaadcel van de vader.

Iemand die denkt dat er mogelijk een erfelijke aanleg voor kanker in zijn familie is, of wanneer deze erfelijke aanleg is aangetoond in één of meerdere van zijn familieleden, kan zich wenden tot de huisarts, behandelend oncologisch specialist of oncologieverpleegkundige voor advies. Deze kan de adviesvrager op basis van de familiegeschiedenis of de ziektegeschiedenis verwijzen naar een klinisch geneticus. Lees meer over erfelijkheidsonderzoek onder  ‘Erfelijkheidsonderzoek’.

De keuze voor een man om zich te laten testen ligt op sommige vlakken anders dan voor een vrouw. Voor mannen met een BRCA1/2 mutatie zijn er niet altijd preventieve controles mogelijk. Wel kan de testuitslag een invloed hebben op de kinderwens. Lees hieronder meer over risico’s, controles en kinderwens.

Borstkanker

Het risico op borstkanker is bij mannen veel kleiner dan bij vrouwen omdat mannen heel weinig borstklierweefsel hebben en niet blootgesteld worden aan de schommelingen in vrouwelijke hormonen. In Nederland wordt jaarlijks bij ongeveer 100 mannen borstkanker vastgesteld. In het algemeen krijgt ongeveer 1 op de 1000 mannen borstkanker (0,1% van de mannen).

Het risico voor BRCA2 dragers is hoger met een risico van ongeveer 7%, voor BRCA1 dragers is het risico ongeveer 1%. Voor borstkanker bij mannen geldt, net als bij vrouwen, dat er niet één duidelijke oorzaak aanwijsbaar is voor het ontstaan van de ziekte. Wel zijn er verbanden gevonden met erfelijke aanleg en bepaalde leefstijlfactoren die een deel van het ontstaan kunnen verklaren. Onder mannen is minder onderzoek gedaan dan onder vrouwen, maar voor zover de risicofactoren ook voor mannen van toepassing zijn, lijken ze een zelfde effect te hebben (zie ook www.kanker.nl en www.mannenmetborstkanker.nl).

Andere soorten kanker
Mannen met een BRCA2 mutatie hebben, naast een verhoogde kans op borstkanker, een verhoogde kans op prostaatkanker.  Voor mannen in de algemene bevolking is het risico om ooit in het leven prostaatkanker te krijgen ongeveer 10%; voor mannen met een BRCA2 mutatie is dit ongeveer 2,5 keer verhoogd. Vaak is het beloop van de prostaatkanker slechter omdat de kanker agressiever is. Mannen met een BRCA1-mutatie hebben, voor zover op dit moment bekend, geen duidelijk verhoogde kans op prostaatkanker.

Ook alvleesklierkanker komt mogelijk iets vaker voor bij mannen en vrouwen met een BRCA2 mutatie. Onderzoek is erop gericht om het risico op andere soorten kanker in BRCA1/2 families beter te kunnen inschatten.

Screening op borstkanker
In de huidige richtlijnen worden extra controles voor mannen met een BRCA genmutatie niet geadviseerd. Het verhoogde risico op kanker is zo laag dat extra controles geen bewezen voordeel bieden. Mannen met een BRCA mutatie wordt wel geadviseerd zelf veranderingen in de gaten te houden en alert te zijn op bijvoorbeeld knobbeltjes in de borst of afwijkingen aan de tepel. Als dit zich voordoet, is het verstand om contact op te nemen met de huisarts.

Screening op prostaatkanker
Mannelijke dragers van een BRCA2-mutatie wordt sinds 2020 het volgende screeningsvoorstel geadviseerd:- Van 45 tot 70 jaar:
      - eenmaal per twee jaar bepaling van PSA (door de huisarts of uroloog)
      - bij verhoogd PSA: verwijzing naar de uroloog voor vervolgdiagnostiek

Kinderwens
In het geval een man drager van een BRCA1 of BRCA2 mutatie is, kan dit gevolgen hebben voor een aanwezige kinderwens. Zowel voor een man als een vrouw is de kans dat de erfelijke aanleg wordt doorgegeven 50% bij elke zwangerschap. Er zijn op dit moment medische mogelijkheden om dit te vermijden, dit kan met prenatale diagnostiek of pre-implantatie genetische diagnostiek. Lees hierover meer onder ‘Risico voor BRCA1/2 mutatie dragers'.In de huidige richtlijnen worden extra controles voor mannen met een BRCA genmutatie niet geadviseerd. Het verhoogde risico op kanker is zo laag dat extra controles geen bewezen voordeel bieden. Mannen met een BRCA mutatie wordt wel geadviseerd zelf veranderingen in de gaten te houden en alert te zijn op bijvoorbeeld knobbeltjes in de borst of afwijkingen aan de tepel. Als dit zich voordoet, is het verstand om contact op te nemen met de huisarts.